maandag 9 april 2018

Antarctica smelt van onderuit, en veel sneller dan gedacht

Erosie door warm water aan de onderkant doet de ijskap op Antarctica veel sneller smelten dan tot nu toe werd aangenomen. Dat blijkt uit uitgebreid Brits onderzoek op basis van satellietmetingen.

Dat de ijskap boven Antarctica niet alleen van bovenaf smelt, was al bekend. Ook onderaan smelten de gletsjers door warmer zeewater, waardoor dat water onder de gletsjer kan oprukken. Maar uit het nieuwe onderzoek blijkt dat dat op veel grotere schaal gebeurt dan tot nog toe gedacht werd, en dat vrijwel overal op het continent.

Wrijving
Door de opwarming van de oceaan smelt de ijskap ook onderaan en schuift die lijn op naar het binnenland. Sinds de laatste ijstijd gebeurt dat gemiddeld met 25 meter per jaar, maar op sommige plaatsen veel sneller - op acht locaties zelfs meer dan vijf maal sneller. Dat heeft belangrijke gevolgen, want een gletsjer beweegt veel sneller als hij niet wordt vertraagd door de wrijving met de zeebodem. 

Daardoor stijgt de zeespiegel dus ook sneller.

Uit de studie, die deze week verschijnt in Nature Geoscience, blijkt dat in de Zuidelijke Oceaan zo al 1.463 vierkante kilometer onderzees ijs is gesmolten tussen 2010 en 2016 - een oppervlakte te vergelijken met die van Londen.

“Onze studie bewijst duidelijk dat de ijskap krimpt op veel plaatsen door het afsmelten aan de basis, en niet enkel op die punten die eerder al beschreven werden”, zegt hoofdauteur Hannes Konrad. “Dit terugtrekken heeft een enorme impact op de gletsjers: ze losmaken van de zeebodem vermindert de wrijving, doet ze sneller schuiven en verhoogt dus de bijdrage aan de stijging van de zeespiegel.”